Adrián Dalmau: ?Als de Eredivisie werd uitgespeeld, was mijn carrière veel meer opgebloeid? ? Is de Eredivisie een paradijs voor spitsen?

maandag, 22 december 2025 (17:04) - ELF Voetbal

In dit artikel:

Adrián Dalmau — Spaanse spits geboren op Mallorca — blikt terug op hoe toeval en één wereldwijde crisis zijn Europese perspectieven veranderden. De 31‑jarige aanvaller, die onder meer voor Villarreal B, Heracles, FC Utrecht, Sparta en later clubs in Polen en Spanje speelde, ziet de afgelasting van het Nederlandse seizoen van 2019/20 als het kantelpunt in zijn loopbaan. Op 24 april 2020 besloot de KNVB de Eredivisie en KNVB Beker niet uit te spelen vanwege corona; er werd geen kampioen aangewezen en Europese plaatsen werden verdeeld op basis van de ranglijst op dat moment. Daardoor miste FC Utrecht — waar Dalmau toen speelde en dat de bekerfinale had bereikt — de kans op Europees voetbal. Dalmau zegt: “Als je Europa League kunt spelen, kan dat je hele loopbaan veranderen.”

Zijn verhaal illustreert zowel de waarde van de Eredivisie als de kwetsbaarheid van individuele carrières. Dalmau maakte in 2018 de overstap van Villarreal B naar Heracles juist omdat de Nederlandse competitie bekendstaat als een springplank naar de Europese top. In 2018/19 beleefde hij zijn beste seizoen met 19 competitiedoelpunten. Hij prijst de Eredivisie om het aantal kansen per wedstrijd en de ontwikkelingsmogelijkheden voor spitsen; volgens hem is de competitie op weg naar top‑vijfniveau en biedt ze zichtbare routes naar grotere clubs — voorbeelden als Ibrahimović, Suárez en het vertrek van Janis Blaswich naar RB Leipzig noemt hij als bewijs.

Tegelijk erkent Dalmau dat het pad naar de elite niet gegarandeerd is. Na zijn piek in Nederland keerde hij in 2022 terug naar Spanje (AD Alcorcón) en speelt hij inmiddels in Polen, waar hij vorig seizoen tien doelpunten maakte voor Korona Kielce en nu vooral op de bank zit bij Piast Gliwice. Hij werkt daarnaast als nutrist. Dalmau vergelijkt speelstijlen: in de Eredivisie zijn verdedigers sneller maar vaak minder strak man‑georiënteerd, wat spitsen meer scoringskansen biedt, en de trainingen op afwerken zijn daar gunstiger. In Polen worden er volgens hem minder schoten genomen.

Persoonlijk noemt hij John van den Brom als meest inspirerende trainer uit zijn Nederlandse tijd en haalt hij jeugdidolen als Samuel Eto’o en Raúl González aan als voorbeelden voor zijn speltype: positiegevoel en afwerking boven brute kracht. Ondanks de gemiste Europese kans is Dalmau trots op zijn Nederlandse periode: het bracht hem vier jaar op het hoogste Nederlandse niveau en maakte hem een van de succesvolere Spaanse spelers in de Eredivisie — een prestatie die hij nog altijd waardeert.