Ajax raakt zijn transfermagie kwijt: cijfers tonen harde realiteit

woensdag, 18 februari 2026 (10:06) - Footballtransfers

In dit artikel:

Johan Cruijff ArenA was jarenlang de etalage waar Europese grootmachten vanzelf kwamen shoppen, maar die gouden exporttijd van Ajax lijkt voorlopig voorbij. Onder Marc Overmars en Erik ten Hag ontstond een duidelijk ontwikkel- en verkoopmodel: slim inkopen, een herkenbaar, dominant elftal vormen en spelers op het hoogste niveau laten excelleren. Het hoogtepunt volgde in 2018/19, toen Ajax de Champions League‑halve finale bereikte; daarna vertrokken Frenkie de Jong (circa €86 mln) en Matthijs de Ligt (ongeveer €85,5 mln), gevolgd door Hakim Ziyech, Donny van de Beek en later Antony en Lisandro Martínez — transfers die enorme inkomsten opleverden.

Sindsdien is het transferplaatje veranderd. Hoewel Ajax nog steeds spelers verkoopt, gebeuren die transfers minder vanzelfsprekend en voor lagere bedragen. Sportieve terugval — zichtbaar in onder meer een derde plaats in de Eredivisie in 2023 — heeft de onderhandelingspositie van de club verzwakt. Topclubs zijn bereid het meeste te betalen voor spelers die aantoonbaar presteren in sterke teams die ver in Europa komen; dat vertrouwen ontbreekt momenteel bij veel Ajax‑producten. Zelfs spelers met een hoge geschatte marktwaarde kunnen voor veel minder vertrekken: Kenneth Taylor, vorig seizoen een vaste waarde en met een geschatte waarde rond €31,7 mln, werd deze winter voor ongeveer €16,9 mln aan Lazio verkocht.

Er zijn uitzonderingen — de negentienjarige Jorrel Hato leverde afgelopen zomer nog €44 mln op en bevestigde zijn status als groot talent — maar hij voelt voorlopig als het laatste grote bedragsextreem. Een belangrijke oorzaak is dat Ajax de laatste jaren minder spelers heeft voortgebracht die op jonge leeftijd al als toekomstige wereldtop worden gezien; het verschil tussen een goede Eredivisie‑speler en iemand die op het allerhoogste niveau verschil maakt, bepaalt nu vaker of er megabedragen worden betaald.

Toch zijn er lichtpunten: intern en extern worden talenten als Jorthy Mokio, Sean Steur, Rayane Bounida en Mika Godts gezien als potentiële nieuwe kopstukken die in de toekomst weer hoge transfers kunnen opleveren. Verwacht wordt dat veel van hen komende zomer nog bij Ajax blijven om zich verder te ontwikkelen.

Het fundament van het Ajax‑model blijft onveranderd: jeugdopleiding, ontwikkeling en verkopen op het juiste moment. De kanttekening is dat die cyclus alleen weer tot megatransfers leidt zodra Ajax sportief terugkeert naar structureel topniveau in Europa en daarmee het vertrouwen en de prijsstelling van kopende clubs herwint.