Barcelona wéér de beste van Spanje: Frenkie de Jong en co. winnen 29e landstitel
In dit artikel:
FC Barcelona is zondagavond in El Clásico opnieuw Spaans kampioen geworden: met een 2-0-zege op rivaal Real Madrid pakten de Catalanen hun 29e landstitel, drie speelronden voor het einde van La Liga. Onder trainer Hansi Flick was een gelijkspel al genoeg, maar Barça besliste de wedstrijd vroeg: na negen minuten werd de score geopend uit een vrije trap, en achttien minuten later maakte Ferran Torres er 2-0 van na een fraaie assist van Dani Olmo.
Real kreeg vroeg een kans via Vinícius, maar Barcelona-keeper Joan García hield stand; ook Thibaut Courtois voorkwam nog een grotere uitslag door onder andere een inzet van Torres te keren. Na ruim een uur leek Jude Bellingham de aansluiting te maken voor Madrid, maar de goal werd wegens buitenspel afgekeurd. Frenkie de Jong kwam in de 64e minuut als invaller binnen de lijnen.
Barça was over het hele seizoen de meest constante ploeg en stond vanaf speeldag 14 vrijwel onafgebroken bovenaan. Real leed onder wissels aan de zijlijn — de overstap van Xabi Alonso naar Álvaro Arbeloa stelde de Koninklijke niet stabieler op — en moet genoegen nemen met de tweede plaats. Het kampioenschap is de tweede op rij voor Barcelona en Flick, en het derde in vijf jaar; Real blijft met 36 titels historisch koploper, maar Barcelona loopt nu weer uit op Atlético (tien titels).
Individuele uitblinker dit seizoen was Lamine Yamal: betrokken bij 27 doelpunten in 28 competitieduels (16 goals, 11 assists). Ook Ferran Torres (15), Robert Lewandowski (13) en Raphinha (11) scoorden meermaals in La Liga. Frenkie de Jong kwam dit seizoen tot één doelpunt en vijf assists in 22 competitieduels.
Met de landstitel sluit Barcelona het seizoen alsnog positief af, na tegenvallende resultaten in de Copa del Rey en Champions League, waarin Atlético Madrid de Catalanen over twee duels uitschakelde.