De bescheidenheid van een Heel Beroemde Voetballer
In dit artikel:
In 1994 raakt de verteller als zevenjarige verknocht aan voetbal na een proeftraining bij de lokale club. In de kleedkamer ontvangt hij van de leider van de F'jes een stoffen clublogo en samen met zijn moeder koopt hij in de Oudestraat het tenue, scheenbeschermers en zijn eerste voetbalschoenen: zwarte Lotto's met een witte handtekening op de neus. De winkelier vertelt hem later dat die handtekening van Ruud Gullit is — en pas veel later ontdekt de jongen dat de bescheiden winkelier zelf niemand minder is dan Jan van Dijk, een levende FC Groningen-legende.
Jan van Dijk speelde tussen 1975 en 1992 liefst 537 officiële duels voor FC Groningen, waaronder memorabele UEFA Cup-confrontaties met Atlético Madrid en Internazionale. Na zijn spelersloopbaan begon hij een sportwinkel en werkte hij als assistent onder trainers als Hans Westerhof en Wim Rijsbergen. In 1998 werd hij zelf hoofdtrainer van “De Trots van het Noorden”, waar zijn zonen Dominique en Gregoor inmiddels in het eerste elftal speelden. Van Dijk leidde de club terug naar de Eredivisie, nam later kortstondig de taken bij Roda JC op zich en had daarna functies bij clubs als Helmond Sport, RBC Roosendaal, FC Emmen en VVV-Venlo. Zijn professionele trainerscarrière in het betaalde voetbal eindigde in 2016; sindsdien woont hij in het zuiden van het land en staat hij aan het roer bij eersteklasser BSV Limburgia.
De sportzaak in de Oudestraat bleef bestaan en werd later jarenlang gerund door Harold van Leeuwen, zoon van GVAV-icoon Tonny van Leeuwen. Tonny, in de jaren zestig keeper van GVAV en eenmalig Oranje-international, scoorde in 1970/71 een uitzonderlijk laag aantal tegengoals en ontving daarvoor in juni 1971 de prijs voor minst gepasseerde doelman. Kort daarna verongelukte hij tragisch bij Meppel; hij was 28. FC Groningen eert hem met tribunebenamingen en sinds 2014 een beeld bij de Euroborg.
De clubomgeving telt inmiddels meer bronzen eerbewijzen: in 2021 werd Martin Koeman vereeuwigd en binnenkort (volgens initiatiefnemer journalist Piet van Dijken) komt er een beeld van Piet Fransen bij. De journalist pleit tevens voor een vierde standbeeld voor Jan van Dijk, maar volgens forums heeft Van Dijk zelf altijd aangegeven dat hij geen standbeeld wil — een houding die velen als nuchter en waardig bestempelen. De verteller sluit af met het beeld van een bescheiden clubman: iemand die grote prestaties leverde voor de club maar die roem eerder afwijst dan najaagt.