De vijf clubs met de meeste internationale overwinningen in de voetbalgeschiedenis
In dit artikel:
Internationale prijzen bepalen wie wereldwijde voetballegendes worden; landskampioenschappen alleen maken lokale helden, maar continentaal en wereldwijde succes scheidt de echte top. In het overzicht dat het artikel schetst, behoren vooral Europese reuzen tot de absolute elite, met één verrassende uitdager uit Afrika die de ranglijst op mondiale schaal verstoort.
Real Madrid (Madrid, Spanje) staat onbetwist bovenaan: met vijftien overwinningen in de hoogste Europese clubcompetitie en meer dan dertig grote internationale titels is de club historisch dominant. Vanaf de jaren vijftig — toen Alfredo Di Stéfano het fundament legde — tot de recente successen onder Carlo Ancelotti, geldt in Madrid winnen op Europees niveau als norm. Die constante internationale honger maakt Real tot het referentiepunt voor elke topclub.
De onverwachte uitdager komt uit Caïro: Al Ahly. Hoewel buiten Europa minder prominent in de media, is de Egyptische grootmacht decennialang onbetwist op het Afrikaanse continent. Met een prijzenkast van inclusief lokale en continentale bekers die ruim boven de honderd uitgaat, is Al Ahly een vaste waarde op het Wereldkampioenschap voor clubs en breekt de club continu records binnen Afrika.
Italië en Argentinië leveren historische giganten: AC Milan (Milaan) heeft zeven Europese titels, behaald vooral in de gloriejaren met spelers als Gullit en Maldini en onder invloedrijke trainers als Sacchi. Boca Juniors (Buenos Aires) domineerde Zuid-Amerika met zes Copa Libertadores-overwinningen; de Bombonera en sterren als Juan Román Riquelme symboliseren hun internationale status en sterke jeugdopleiding — een kwaliteit die vaak met Ajax wordt vergeleken.
FC Barcelona (Barcelona) vormt een andere pijler van moderne dominantie. De revolutie onder Pep Guardiola met Lionel Messi leidde tussen 2006 en 2015 tot vier Champions League-titels en culmineerde in 2009 met een historische zesvoudige zege in één kalenderjaar. Hun positiespel veranderde wereldwijd hoe clubs voetbal spelen, al wogen recente financiële problemen op de club.
Bayern München (München) en Liverpool (Liverpool) vechten om de topvijfplaatsen. Bayern staat voor Duitse consistentie en brute efficiëntie — inclusief meerdere trebles en wereldtitels — terwijl Liverpool beroemd is om Anfield-magic en onvergetelijke comebacks, zoals de finale van 2005 in Istanbul. Beide clubs hebben elk zesmaal het hoogste Europese clubtoernooi gewonnen en wisselen in historische ranglijsten.
Kijkend naar de toekomst lijkt het enorme verschil van Real lastig te verkleinen; tegelijkertijd bouwt Al Ahly zijn totaal internationaal onverstoorbaar verder uit. Voor andere grootmachten blijft het een lange weg om die buitencategorie te evenaren. Het artikel wijst ook kort op de rol van (gereguleerde) gok- en livestreamplatforms als manier voor fans om internationale toernooien te volgen en in te zetten, maar benadrukt vooral dat continentale successen de maatstaf blijven voor wereldwijde status.