FIFA overweegt nieuwe regel die grote impact kan hebben op de Eredivisie
In dit artikel:
FIFA onderzoekt een ingrijpende wijziging in het clubvoetbal: clubs zouden tijdens wedstrijden altijd minimaal één jonge, zelfopgeleide speler op het veld moeten hebben. Het doel is jongeren uit eigen opleidingen sneller en structureler speelminuten te geven. De wereldvoetbalbond heeft een consultatieronde opgestart met alle betrokken partijen; binnen een jaar moet de uitkomst aan de FIFA Council worden voorgelegd. Volgens bronnen van The Athletic verliepen gesprekken tussen de zes voorzitters van de continentale bonden maandagavond constructief en bestaat er achter de schermen voorzichtig optimisme.
Belangrijk knelpunt is de precieze definitie van ‘homegrown’. FIFA wil een norm die niet alleen toepasbaar is voor topclubs maar ook voor middenmoterbonden, en onderzoekt bijvoorbeeld criteria rond U20- of U21-spelers. De maatregel verschilt wezenlijk van bestaande regels in sommige competities: in de Premier League draait de homegrown-regel nu om selectiesamenstelling (maximaal 17 niet-homegrown spelers in een 25-koppige selectie), zonder verplichting tot speelminuten. FIFA’s plan zou die lacune dichten door inzet gedurende de wedstrijd af te dwingen.
In Nederland bestaan dergelijke opstelverplichtingen niet; bij de Eredivisie is er wel een uitzondering in de regels rond spelersverhuur: zelfopgeleide spelers onder 21 tellen niet mee in de limiet op uitleningen (die volgend seizoen van zeven naar zes gaat). Transfermarkt-data laten zien dat Nederlandse clubs flink verschillen in jeugdproductie: AZ staat bovenaan met 14 jeugdproducten in de selectie, terwijl alle clubs minstens drie hebben. Tegelijk zouden kleinere clubs zoals Fortuna Sittard en Telstar met het nieuwe regime mogelijk in de problemen komen: hun door de club zelf opgeleide spelers hebben nauwelijks competitieduels (samen slechts zeven in hun loopbaan).