Het voormalige Ajax-talent dat schitterde op de Filipijnen en nu volop geniet in Cambodja
In dit artikel:
Guytho Mijland, een 29‑jarige rechtsbuiten uit Amsterdam met Surinaamse roots, heeft een onconventionele voetballoopbaan achter de rug die hem van Ajax‑jeugd naar clubs in Slowakije, Griekenland, de Filipijnen en nu Cambodja bracht. Als kind werd hij opgevangen door Zeeburgia en later door Ajax, waar hij met talenten als Steven Bergwijn en Abdelhak Nouri speelde. Na drie jaar bij Ajax verloor hij zijn plek en raakte hij later bij Zeeburgia zwaar geblesseerd: een gebroken scheen‑ en kuitbeen zorgde voor een langdurige revalidatie en terughoudendheid in duels.
Na periodes in het amateurcircuit en een mislukte zoektocht naar profcontracten tijdens de coronapandemie, kreeg Mijland uiteindelijk een kans bij Partizan Bardejov in Slowakije. Die overgang bleek teleurstellend: culturele isolatie, onbetrouwbare clubpraktijken en maanden zonder salaris, gecombineerd met lastig voedsel en snel volwassen moeten worden. Toen de Nederlandse trainer vertrok escaleerde de situatie verder en Mijland vertrok aan het einde van het seizoen ontgoocheld.
Een tussenperiode van ruim anderhalf jaar zonder club volgde, waarna Mijland via TEC in Tiel naar het Griekse Eordaikos belandde. In de winter van 2024 volgde een doorbraak: zijn voormalige trainer uit Slowakije haalde hem naar Cebu FC op de Filipijnen. Ondanks weerstand van de Griekse club — die zijn vertrek aanvankelijk blokkeerde en extra voorwaarden stelde — kwam de transfer rond. Op Cebu floreerde Mijland; met acht goals en negentien assists speelde hij een hoofdrol in de tweede plaats en het bereiken van de Asian Champions League 2, een toernooi vergelijkbaar met de Europa League. Het toernooi bracht hem wedstrijden tegen bekende tegenstanders, waaronder een duel met Aly Cissokho van Muang Thong United.
Zijn prestaties leverden een transfer op naar Angkor Tiger in Cambodja, waar hij inmiddels ruim een half jaar woont en speelt. De club regelde woonruimte voor hem in Siem Reap en hij omschrijft het leven daar als meer gefocust op voetbal: strakke trainingsschema’s onder Japanse leiding, veel discipline en relatief minder afleiding dan op Cebu. Privé mist hij vooral Surinaamse gerechten en kleine dingen uit Nederland, maar hij waardeert de mogelijkheid om zich volledig op zijn spel te concentreren en groeide in zelfstandigheid — ook door koken te leren in moeilijke tijden.
Mijland ervaart in Cambodja sterke contrasten: modern wooncomfort naast armoede op korte afstand. Toen grensconflicten tussen Cambodja en Thailand recent voor onrust zorgden, stelden familieleden hem vragen over zijn veiligheid; hij kon ze geruststellen en zijn team zette zich bovendien in voor vluchtelingen in Siem Reap door kleding en eten te geven en met kinderen te voetballen — een ervaring die hem erg raakte. Sportieve ambities blijven: hij heeft nog anderhalf jaar contract, wil genieten van het spel en droomt uiteindelijk van een plek in het Surinaamse nationale elftal.
Het verhaal van Mijland is er een van doorzettingsvermogen en aanpassing: van Ajax‑belofte via blessures en schrale buitenlandse omgevingen naar prestaties op Aziatische podia, met een duidelijke wens om anderen te inspireren hetzelfde te doen.