Jeugd heeft de toekomst, kopzorgen voor Cruijff: wat als Ajax niet Europa ingaat?
In dit artikel:
Ajax dreigt dit seizoen zonder Europees voetbal te eindigen, iets wat de club al tientallen jaren niet meer via de competitie heeft meegemaakt. Historisch kader: na een uitsluiting in 1990 vanwege het ‘staafincident’ was het laatste seizoen waarin Ajax zich via de Eredivisie niet plaatste voor Europa 1964/65; in modernere tijden mislukte kwalificatie voor Europese voorrondes ook al in 2017/18. Nu staat Ajax op dit moment vierde in de Eredivisie, op gelijke hoogte met FC Twente. Plaatsing betekent: nummer drie naar de voorronde van de Champions League, nummer vier naar de Europa League-voorronde en nummer vijf naar de play-offs voor de Conference League.
Als Ajax in de voorrondes of in de play-offs faalt, volgt zowel sportief als financieel pijn. Financieel draait het vooral om gemiste inkomsten: vorig Europa League-seizoen bracht de club meer dan dertig miljoen euro aan premies, bonussen en televisiegelden binnen. Sinds ruim een jaar voert Ajax al een ‘Europa League’-begroting en heeft structureel op kosten bespaard; uitblijven van zelfs dat niveau dwingt niet per se tot een nóg krapper budget, maar wel tot verkoop van belangrijke spelers om gaten te dichten. Namen als Mika Godts en Youri Baas worden expliciet genoemd als mogelijke verkoopobjecten om tientallen miljoenen binnen te halen.
Sportief betekent geen Europa dat het lastiger wordt om ervaren versterkingen te halen; spelers als Takehiro Tomiyasu en Oleksandr Zinchenko zouden minder snel voor Ajax kiezen zonder Europees voetbal. Tegelijkertijd dwingt de situatie technisch directeur Jordi Cruijff tot keuzes: hij wilde al af van miskopen en krijgt nu de kans om de selectie in aantal, leeftijd en profiel te herstructureren met beperkte middelen. Dat vergroot de focus op jeugd: concurrentiestrijd tussen spelers als Josip Sutalo en Aaron Bouwman of Rayane Bounida en Oscar Gloukh krijgt meer gewicht, en talenten als Sean Steur, Abdellah Ouazane en Pharell Nash kunnen sneller doorbreken.
Kortom: een seizoen zonder Europees voetbal zou in de Johan Cruijff ArenA een jaar van harde keuzes worden — verkoop van spelers, grotere afhankelijkheid van eigen jeugd en een lastige transferpositie tegenover ervaren aanwinsten — maar het biedt ook de mogelijkheid om met een jongere, gebalanceerdere selectie te bouwen, zoals Ajax eerder met succes deed onder Frank de Boer en zoals Jordi Cruijff in zijn rol probeert te realiseren.