Rapport Nederland: topdebuut Summerville, 4 onvoldoendes
In dit artikel:
Nederland oefende woensdagavond in De Kuip tegen Algerije als laatste testcase richting het WK. Bondscoach Ronald Koeman startte met een vrijwel ongewijzigde topselectie (Mats Wieffer nam op rechts de plek in van geschorste Denzel Dumfries) en wilde vastigheid en concurrentie binnen de beoogde WK-opstelling zien. Het duel bood vooral bevestiging van sterke plekken en pijnpunten.
Verdedigend viel vooral het gebrek aan omschakelingsdekking op: Virgil van Dijk werd in één van die situaties weggespeeld en kreeg een magere beoordeling; Mats Wieffer bleek – net als bij zijn club – niet altijd overtuigend op de rechtsbackpositie door gebrek aan snelheid. Jan Paul van Hecke veroorzaakte vroeg balverlies dat bijna in een tegentreffer eindigde, maar Micky van de Ven maakte met een cruciale sliding veel goed. Doelman Bart Verbruggen had weinig te doen en maakte geen fouten.
Op het middenveld leverden Frenkie de Jong en Ryan Gravenberch verzorgd positiespel; beiden haalden een voldoende en bepaalden veel balbezitmomenten. Tijjani Reijnders produceerde aanvallend een treffer die uiteindelijk werd geannuleerd, en toonde af en toe slordigheid in passing.
De aanval kende wisselende rendementen. Crysencio Summerville was de meest opvallende speler: in zijn Oranje-debuut als rechtsbuiten bracht hij initiatief, creëerde kansen en bleef een half uur zeer dynamisch voorin. Donyell Malen had een sterke eerste helft met een schot tegen de paal en een gemiste kans, terwijl Cody Gakpo in de tweede helft zichtbaar wegzakte. Memphis Depay kwam pas in het tweede bedrijf binnen en leverde een weinig overtuigende invalbeurt.
De reservespelers gaven een gemengd beeld: Nathan Aké en Justin Kluivert lieten degelijke invalbeurten zien; Jorrel Hato en Teun Koopmeiners vielen minder op. Algerijnse spits Anis Hadj Moussa scoorde namens de tegenstander, waartegen Oranje niet altijd de juiste antwoorden vond.
Kort samengevat: Koeman stuurde een sterke proefopstelling het veld in die bevestigde dat het elftal offensief kwaliteit en creatieve opties bezit, maar de defensieve kwetsbaarheid bij omschakeling en enkele ondermaatse invalbeurten (vooral bij Van Dijk en Memphis) geven nog zorgen vlak voor het WK.