Van Ajax-jeugd naar Zweedse ster: 'Ik werd daar binnengehaald alsof ik Messi was'
In dit artikel:
Voetballer Joeri de Kamps (34) vertelt in VP's Avonturiers over een loopbaan die hem van Ajax‑jeugd naar zes landen voerde en waarin voetbal, gezinsleven, blessures en cultuurverschillen telkens de toon zetten. Het interview vond plaats op donderdag 30 april; De Kamps was toen net iets meer dan twee maanden met zijn gezin verhuisd naar Roemenië, waar hij speelt voor ACS Sepsi OSK Sfântu Gheorghe, momenteel tweede in de tweede divisie met uitzicht op directe promotie — belangrijk omdat zijn contract dan met een jaar wordt verlengd.
Beginjaren en Nederland
De Kamps groeide op in Ajax’ opleiding De Toekomst (2000–2014) en beleefde daar vormende jaren, maar een officieel debuut in Ajax 1 bleef uit. Een blijvende herinnering is dat hij als 19‑jarige op 23 oktober 2011 op de bank zat in De Klassieker onder Frank de Boer. Voor speelminuten trok hij verder naar sc Heerenveen op huurbasis (2013/14), waar hij onder Marco van Basten geen warme klik vond, en later naar NAC Breda. In Breda vond hij wel sportieve en sociale hoogtepunten — en een hechte vriendschap met keeper Andries Noppert — maar ook degradatie en discutabele relaties met trainers; bij NAC liep het tegen het einde van die periode stroef en hij kampte met een blessure (fractuur boven het scheenbeen).
Zes jaar Slowakije: successen en frustraties
In januari 2016 loodste Slovan Bratislava hem naar Slowakije, een verbintenis die zou uitgroeien tot ruim zes jaar. De Kamps noemt die periode sportief de mooiste uit zijn loopbaan: Europees voetbal, een plek in de groepsfase van de Europa League en memorabele duels zoals tegen Wolverhampton Wanderers in Molineux. Tegelijk ervoer hij in Slowakije cultuurverschillen (van informeel gedrag in kleedkamers tot fysiek zwaar spel) en uiteindelijk spanningen met een trainer en concurrentie op zijn positie (Dzjaba Kankava). Een korte terugkeer naar Nederland volgde in januari 2022 via een halfjaar bij Sparta Rotterdam.
Polen en medische chaos
De overstap naar Lechia Gdansk (Polen) verliep chaotisch: de trainer die hem haalde verdween vlak na zijn komst en De Kamps kreeg last van zijn rug; een echo bracht een medische ingreep met een drain die hij later als onterecht en risicovol ervoer. De complicatie bleek geen nierstenen maar een vernauwing waarvoor antibiotica volstond. Financieel en organisatorisch liep het daar ook slecht (achterstallig salaris, degradatie), wat leidde tot juridische stappen en een lastige periode.
Zweden: plezier hervonden
Bij IK Sirius in Uppsala (Zweden) vond hij het plezier in voetbal terug. De ontvangst was warm en het klimaat rustgevender; de competitie eindigde in november, precies tijdens de zwangerschap van zijn vrouw. Dat gaf hem tijd voor gezin en herstel.
Griekenland: intens en excentriek
Eind januari tekende hij voor Volos NFC in Griekenland, waar het leven enerzijds aantrekkelijk was (wonen bij het strand, een ontspannen dagelijks ritueel met ochtendzwemmen, etentjes en uiteindelijk een door de club aangeboden vakantie op Skiathos) maar anderzijds chaotisch en onvoorspelbaar: meerdere trainers in korte tijd, ondoorzichtige salarissituaties en een president die spelers soms onder druk zette om ‘iets achter te laten’. De Kamps omschreef het als een omgeving waarin sommige spelers uit angst veel inleveren, terwijl hij zelf standvastig bleef en zijn principes behield.
Roemenië en gezin
Na zeven maanden zonder club trainde hij tijdelijk bij Spakenburg en belandde uiteindelijk in Roemenië bij Sepsi. De verhuiservaring met zijn vrouw en twee jonge dochters illustreert de menselijke kant van een zwervend carrièrepad: het constant loslaten van sociale netwerken en het belang van stabiliteit voor het gezin. Zijn oudste dochter leert inmiddels drie talen; de aanpassingsperiode is zichtbaar bij het hele gezin. Sportief kampt De Kamps opnieuw met blessures (spierscheuring hamstring) en moet hij zich herpakken om promotie en verlenging zeker te stellen.
Lessen en reflectie
Door al die jaren en landen benadrukt De Kamps dat de kernles omgaan met verandering is. Hij noemt zichzelf “een soort van zigeuner”: voortdurend onderweg, veel opofferen en steeds opnieuw contacten leggen. Tegelijk concludeert hij dat de sociale zekerheid en het stabiele midden‑klimaten in Nederland veel waard zijn; landen waar hij speelde tonen vaak grotere ongelijkheid en minder georganiseerde systemen. Ondanks tegenslagen blijft hij vasthouden aan de mentaliteit van doorzetten — “opgeven is geen optie” — en zoekt hij naar balans tussen sportieve ambities en wat het beste is voor zijn gezin.
Kortom: het verhaal van Joeri de Kamps is minder een rechte carrièreladder dan een lange wereldreis langs clubs, culturen en tegenslagen — met pieken in Europees voetbal, diepe dalen door mismanagement en medische ellende, en een blijvende drijfveer om te blijven spelen en voor zijn gezin te zorgen.