Van Feyenoord tot Barça: zo knokte Inter zich naar de Champions League-finale
In dit artikel:
Internazionale bereikte de Champions League-finale na een solide en doelgerichte campagne, waarin vooral hun sterke verdediging opviel. Onder leiding van trainer Simone Inzaghi eindigde de Italiaanse club ongeslagen in zes van de acht groepswedstrijden en kreeg slechts één tegendoelpunt te verwerken. Met smalle zeges tegen teams als Arsenal, RB Leipzig, Young Boys en Sparta Praag plaatste Inter zich rechtstreeks voor de knock-outfase.
In de achtste finale versloeg Internazionale Feyenoord met een dubbele winst (2-0 in Rotterdam en 2-1 in Milaan), waarbij Marcus Thuram en Lautaro Martínez belangrijke doelpunten maakten. De kwartfinale tegen Bayern München was taai, maar Inter boekte een cruciale uitoverwinning (2-1) en hield in de thuiswedstrijd met 2-2 stand, mede dankzij Martínez en Benjamin Pavard, wat leidde tot een doorgang op een totaal van 4-3.
De halve finale tegen FC Barcelona werd een spektakel met een 3-3 gelijkspel in Camp Nou, waarin Thuram, Dumfries en een eigen doelpunt voor Inter succes brachten. In de return kwam Inter eerst op achterstand, maar vocht terug met treffers van Martínez en Çalhanoğlu. Francesco Acerbi dwong in de blessuretijd verlenging af, waar invaller Davide Frattesi uiteindelijk het winnende doelpunt maakte. Dit zorgde voor een totaal van 7-6 over beide duels.
De finale van de Champions League tussen Internazionale en Paris Saint-Germain vindt plaats op zaterdag 31 mei om 21.00 uur in de Allianz Arena in München. Internazionale kan met deze prestatie haar status als Europese topclub bevestigen.
Vandaag Inside: Valentijn Driessen tegen Wilfred Genee In de Wandelgangen: 'Jij moet helemaal niet zeuren!'